Criminaliteit en veiligheid: Beleid en interventies 2010-11


Dinsdag 7 september, 15.15-17.00
SASKIA DEKKERS (Politie Academie): Criminaliteit en veiligheid in de praktijk
Het college heeft tot doel inzicht te geven in hoe het criminaliteits- en veiligheidsterrein in de praktijk in elkaar steekt. In het college wordt in vogelvlucht ingegaan op Nederlands veiligheidsbeleid en daaruit voortvloeiende veiligheidsmaatregelen. Ook wordt ingegaan op de actoren die opereren op het veiligheidsterrein en wie welke verantwoordelijkheden heeft. De behandelde stof wordt voorzien van diverse praktijkvoorbeelden.

Saskia Dekkers heeft sociologie gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vervolgens heeft zij zes jaar gewerkt bij Regioplan Beleidsonderzoek als onderzoeker op het terrein van criminaliteit en veiligheid. Zij heeft diverse onderzoeken gedaan op het terrein van lokale veiligheidsmaatregelen en politievraagstukken. Sinds een half jaar is zij werkzaam als docent-onderzoeker bij de School voor Recherche van de Politieacademie. .


Dinsdag 14 september, 15.15-17.00
DISCUSSIEBIJEENKOMST
Vollaard, B., Versteegh, P., & Brakel, J. van den (2009). Veelbelovende verklaringen voor de daling van de criminaliteit na 2002: Onderzoek in opdracht van de Commissie Politie en Wetenschap.

Dinsdag 21 september, 15.15-17.00
HIELKE PRAAMSTRA (Regiopolitie Groningen): Strategische analyse op registratiegegevens van de politie
In opdracht van de regionale driehoek wordt door strategisch analisten van de regiopolitie een regionaal veiligheidsbeeld (RVB) gemaakt. Doelstelling van het RVB is: “Het geven van een strategische analyse van de veiligheid in de regio Groningen aan de hand van de aard en omvang van prioritaire delicten en prioritaire aandachtsvelden. Daarnaast wordt een beeld gegeven van de ontwikkelingen op het gebied van criminaliteit en veiligheid die een bijdrage leveren aan het bijstellen van bestaand beleid en het formuleren van toekomstig beleid.” In deze presentatie wordt ingegaan op het opstellen van het RVB en hoe daarbij gebruik gemaakt is van informatie van verscheidene bronnen, te weten: (1) CBS; (2) Politiemonitor/veiligheidsmonitor Rijk; (3) Nationaal dreigingsbeeld; (4) Landelijke criminaliteitskaart; (5) BPS/GIDS; (6) HKS; (7) Buurt-, jeugdagenten, contactfunctionarissen; (8) Integraal veiligheidsbeeld: analisten van de basiseenheden; (9) Tactische analisten van de verschillende rechercheonderdelen.


Dinsdag 28 september, 15.15-17.00
DISCUSSIEBIJEENKOMST
Noije, L. van, & Wittebrood, K. (2008). Sociale veiligheid ontsleuteld: Veronderstelde en werkelijke effecten van veiligheidsbeleid. Den Haag: SCP.


Dinsdag 5 oktober, 15.15-17.00
DISCUSSIEBIJEENKOMST
Feder, L., Jolin, A., & Feyerherm, W. (2000). Lessons from two randomized experiments in criminal justice settings. Crime & Delinquency, 46, 380-400.
Welsh, B. C., & Farrington, D. P. (2007). Evidence-based crime prevention. In B. C. Welsh & D. P. Farrington (Eds.), Preventing crime: What works for children, offenders, victims, and places (pp. 1-17). New York: Springer.
Plus een systematische review over de effecten van: (1) hot spots policing; (2) improved street lightning; (3) problem-oriented policing; (4) early parent training; (5) incarceration-based drug treatment. De systematische reviews kunnen worden verkregen via The Campbell Collaboration.


Dinsdag 12 oktober, 15.15-17.00
DISCUSSIEBIJEENKOMST
Jonkman, H., & Steketee, M. (2008). Jong geleerd, oud gedaan: Effectieve preventieprogramma's in Nederland. Justitiële Verkenningen, 34, 92-108.
Knaap, L. M. van der, Nijssen, L. T. J., & Bogaerts, S. (2006). Geweld verslagen? Een studie naar de preventie van geweld in het publieke en semi-publieke domein. Den Haag: WODC.
Plus informatie van Nederlands Jeugd Instituut over wat werkt en wat niet werkt als het gaat om jeugd en gezin.


Dinsdag 19 oktober, 15.15-17.00
ERIC BLAAUW (Verslavingszorg Noord-Nederland): Risicotaxatie geweld
Bij de inschatting van de kans op toekomstig geweld en toekomstige recidive speelt het bepalen van de ernst van verslavingsproblematiek een belangrijke rol. Belangrijk hierbij is niet uit te gaan van indrukken, maar van feitelijkheden. Bij de risicotaxatie geweld wordt gebruik gemaakt van risicotaxatie-instrumenten waarin klinische indrukken worden geobjectiveerd. In het gastcollege wordt ingegaan op een van deze instrumenten; de HCR-20.

Eric Blaauw is als programmamanager forensische zorg werkzaam bij Verslavingszorg Noord Nederland (VNN). VNN heeft drie onderdelen verslavingreclassering met jaarlijks meer dan 2000 cliënten en waarin jaarlijks meer dan 800 justitiabelen behandeling krijgen voor hun verslavingsproblemen. Eric Blaauw heeft negen boeken en meer dan 100 publicaties geschreven op het gebied van psychopathologie onder arrestanten en gedetineerden, stalking, daderprofilering en begeleiding van justitiabelen. Voor meer info.


Dinsdag 9 november, 15.15-17.00
CORA-YFKE SIKKEMA (DSP-groep): Bepalen van risico's van polarisatie en radicalisering
Bij het ministerie van Binnenlandse Zaken is een methodiek ontwikkeld om mogelijke nationale dreigingen in kaart te brengen en de risico's ervan onderling te vergelijken. Voorbeelden van dreigingen zijn verwevenheid boven- en onderwereld, polarisatie en radicalisering, klimaatverandering. De methodiek is gebaseerd op incidentscenario's, waarvan de waarschijnlijkheid en impact worden bepaald. In dit gastcollege wordt de methodiek uiteengezet en gaan we oefenen met zo'n scenario op het gebied van polarisatie en radicalisering. Daarna bespreken we de voor- en nadelen van deze aanpak. Om te lezen voor deze bijeenkomst: Ministerie van Binnenlandse Zaken (2008). Nationale risicobeoordeling bevindingenrapportage 2008. Den Haag: Programma Nationale Veiligheid. Hieruit: [4.5 Polarisatie en radicalisering] [Leidraad methodiek: samenvatting]

Cora-Yfke Sikkema is senior onderzoeker bij DSP-groep in Amsterdam. DSP-groep is een onafhankelijk, landelijk opererend bureau voor onderzoek, advies en management dat werkt in opdracht van de overheid en maatschappelijke organisaties. Cora-Yfke Sikkema werkt binnen het team veiligheid en criminaliteit en heeft verschillende onderzoeken geleid, waaronder een groot landelijk onderzoek naar ongewenst gedrag tegen mensen met een publieke taak, een onderzoek naar slachtoffergerichte aanpak van overlast in Amsterdam en een evaluatie naar de opzet van buurtveiligheidsteams. Daarnaast heeft zij voor Dordrecht een actieplan tegen geweld opgesteld en is zij ruim een jaar gedetacheerd geweest bij de Directie Nationale Veiligheid van het ministerie van Binnenlandse Zaken.


Dinsdag 16 november, 15.15-17.00
DISCUSSIEBIJEENKOMST
Katz, L. F., Kling, J. R., & Liebman, J.B. (2001). Moving to opportunity in Boston: Early results of a randomized mobility experiment. Quarterly Journal of Economics, 96, 607-654.


Dinsdag 23 november, 15.15-17.00
MIRANDA DOMENIE (Lectoraat Cybersafety, NHL): Cybercrime
Internet biedt mensen communicatie- en handelingsmogelijkheden die zij daarvoor niet hadden. Zij maken daarvan volop gebruik, ook voor criminele doeleinden. De politie loopt tijdens het bestrijden van cybercrime tegen een enorm kennistekort aan? Is cybercrime een nieuwe criminaliteitsvorm of eerder een oude zaak in een nieuw jasje? En wat betekent dit voor het werk van de politie? In deze lezing wordt eerst een korte introductie gegeven op cybercrime. De volgende vragen komen aan bod: wat is cybercrime, welke verschijningsvormen bestaan er, wat is strafbaar en hoe is cybercrime anders dan 'gewone' criminaliteit? In het tweede deel van de lezing wordt dieper ingegaan op de bij de politie meest geregistreerde vorm van cybercrime: e-fraude.

Miranda Domenie is onderzoeker bij het lectoraat cybersafety van de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden en student sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Een lectoraat is een onderzoeksgroep die verbonden is aan een hogeschool en op wetenschappelijk niveau onderzoek doet dat direct bijdraagt aan kennisvermeerdering in het beroepenveld en in het hoger onderwijs. Het lectoraat cybersafety heeft in de afgelopen twee jaar uitsluitend onderzoek gedaan naar cybercrime en cybersafety, vaak in opdracht van politie en justitie. Onderzoeksrapporten worden allen openbaar gemaakt in rapport- of boekvorm.


Dinsdag 30 november, 11.15-13.00, Eendrachtskade
BUREAU ONDERZOEK

Dinsdag 30 november, 15.15-17.00
SCRIPTIE VOORBEREIDING


Dinsdag 7 december, 15.15-17.00
ANDRE VAN DER LAAN (WODC, Ministerie van Justitie): Evaluatie van de Stop-reactie: een vorm van praktijk gestuurd effect onderzoek
Om de recidive van jongeren te reduceren worden 'evidence based'-interventies ontwikkeld en getoetst. Belangrijk daarbij is dat een onderzoeksmodel wordt gebruikt met een experimentele en controle setting waarbij de personen bij toeval aan de condities zijn toegewezen. Deze wijze van evalueren veronderstelt onder meer dat interventies wetenschappelijk goed zijn doordacht, dat er een theoretische basis aan ten grondslag ligt en dat er een veranderingsmodel beschikbaar is. Veel interventies, ook justitiële, zijn echter in de praktijk ontwikkeld waarbij de genoemde aspecten niet duidelijk zijn. Om de veronderstelde werking van dergelijke interventies te onderzoeken kan gebruik worden gemaakt van een praktijkgestuurd effectonderzoek (Van Yperen & Veerman, 2008). In dit gastcollege wordt aan de hand van een evaluatie van de Stop-reactie, een interventie voor 12-minners gericht op reductie van recidive, ingegaan op het model van praktijkgestuurd effectonderzoek. Om te lezen voor deze bijeenkomst: Kea, R. & Laan, A.M. van der (2009). Stoppen of doorgaan? De toekomst van de Stop-reactie. Secondant (februari 2009), 32-37.
Website van Ministerie van Justitie met goedgekeurde interventies die recidive verminderen of voorkomen.

André van der Laan is senior onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Justitie. Hij verricht onderzoek op het terrein van jeugdcriminaliteit, de trends die zich daarin voordoen, risico- en beschermende factoren voor delinquentie, evaluatie van interventies en de beleving van strafrechtelijke interventies door justitiabelen.


Dinsdag 14 december, 15.15-17.00
Nader te bepalen.



Overzicht van eerdere gastcolleges:

RENEE VAN DER HULST (Bureau Netwerkanalyse): Sociale-netwerkanalyse en georganiseerde misdaad
Analyse is een sleutelbegrip binnen de opsporingspraktijk. Om meer vat te krijgen op (zware en georganiseerde) misdaad en criminaliteit is er in toenemende mate behoefte aan technieken als sociale netwerk analyse (SNA). Met behulp van SNA kunnen patronen in sociale en/of criminele netwerken worden blootgelegd die bijvoorbeeld van belang kunnen zijn voor het identificeren van belangrijke sleutelfiguren, zogenoemde ‘facilitators’, en het destabiliseren van criminele netwerken. De informatie kan ook van belang zijn voor het inzetten van bijzondere opsporingsmiddelen. Tijdens dit college staat het analyseren van criminele netwerken in relatie tot het begrip ‘intelligence’ centraal. In vogelvlucht worden enkele kernbegrippen, mogelijkheden en methodologische beperkingen van SNA besproken voor toepassingen binnen de veiligheidsketen.

Renée van der Hulst is directeur en onderzoeker van onderzoek- en adviesbureau ‘Bureau Netwerkanalyse’ (Hilversum). Bureau Netwerkanalyse specialiseert zich in sociaal-wetenschappelijk en toegepast onderzoek op het terrein van criminaliteitsbestrijding en sociale veiligheid, met specifieke aandacht voor toepassingen van Sociale Netwerk Analyse (SNA). Van der Hulst geeft onder meer les aan de Politieacademie en werkte eerder als onderzoeker bij TNO Defensie en Veiligheid (Soesterberg), de Politieacademie (Apeldoorn, Zutphen), en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC in Den Haag). Voor meer info.

Literatuur:
Hulst, R. C. van der (2009). Terroristische netwerken en intelligence: een sociale netwerkanalyse van de Hofstadgroep. Tijdschrift voor Veiligheid, 8, 8-27.
Morselli, C., Giguere, C., & Petit, K. (2007). The efficiency/security trade-off in criminal networks. Social Networks, 29, 143-53.